Gilde SamenSpraak meer informatie voor begeleiders meer informatie voor coordinatoren meer informatie voor anderstaligen meer informatie voor geinteresseerden
home Begeleiders Coördinatoren Anderstaligen Nieuws vrijwilligerswerk, senioren, Nederlandse taal, integratie, anderstaligen

nieuwsbrief
Extranet
Praktijkverhalen
Samen leven? Samen spreken!

Hier kunt u lezen hoe Gilde SamenSpraak in de praktijk werkt en welk effect dat heeft op de anderstalige of de begeleider.

Ik had niet verwacht dat het zó leuk zou zijn!

Ongeveer een half jaar geleden wilde ik graag na een lang burn-out periode, voorzichtig proberen weer wat in de maatschappij te gaan doen.
Gilde SamenSpraak leek mij een goede opstap. Maar dat het zo leuk zou zijn, had ik helemaal niet verwacht en ik heb daarom snel een tweede anderstalige aangevraagd.

Aliya (65 jaar, afkomstig uit Afghanistan) vindt het heel moeilijk om Nederlands te spreken, hoewel ze hier al 5 jaar woont en ze ook naar de inburgeringscursus gaat, wil het nog niet zo lukken.
Ik werk heel visueel met haar met als doel vooral haar woordenschat uit te breiden. Verder besteed ik veel aandacht aan werkwoorden en voorzetsels, zodat we heel eenvoudige zinnetjes kunnen construeren, zoals bijv ‘Hij zit op de bank’, ‘De bloemen staan in de vaas op de tafel’, enz.
Omdat ik uit ervaring weet hoe lastig het is om nog een vreemde taal te leren als je al wat ouder bent, heb ik veel geduld met haar en herhalen we veel. Laatst hebben we een kleine toets gedaan. We waren beiden zeer tevreden over het resultaat. Het is altijd een intensief uurtje.

Op dezelfde ochtend komt Nevin (34 jaar, afkomstig uit Egypte). Ze is nog maar ruim een jaar in Nederland en ze heeft heel hard gewerkt aan haar integratie. Ik ben onder de indruk van haar kennis van de Nederlandse taal. Toch vindt ze het nog heel moeilijk om een gewoon alledaags gesprekje te voeren. De spreektaal is zo anders dan lezen en schrijven, zegt ze. Dus praten we gewoon maar wat over van alles en nog wat zoals je dat doet met een vriendin of zoals een moeder met haar dochter (ze is zwanger).
Zo gauw ze iets niet begrijpt, geeft ze dat aan en beschrijf ik het woord of begrip tot ze precies weet wat ik ermee bedoel. Ze is altijd heel enthousiast als ze zich weer een nieuw woord eigen heeft gemaakt. Ze doet het echt heel goed, vind ik.
Omdat ze zulke hoge eisen aan zichzelf stelt, is ze erg onzeker in de buitenwereld en ik hoop dat ik haar wat meer zelfvertrouwen kan geven.

Aiya en Nevin, ze zijn me beiden zeer dierbaar geworden. Ik vind het contact met hen een verrijking van mijn leven en ik geniet ervan en dat is denk ik, gezien hun reacties, wederzijds.

Tineke van Tuinen ( 28-08-2004)
Een vrijwilligerster uit Haarlem

Belangrijk project
Dit project is belangrijk want:
- Ik heb erg weinig contact met anders Nederlanders
- Ik kan met de vrijwilliger oefenen met spreken omdat in school is teveel grammatica en lezen
-For mij de samenspraken-project is de enigste werkelijke hulp voor sprekn en enige mogelijkheid van integratie
-Ik vindt belangrijk als mogelkijk is dat de tijd van samenspraken meer dan een jaar is en misschien mee dan een uur per week is-Eindelijk ik jullie wil bedanken voor jullie groote hulp.

Judith Sanabria,
anderstalige bij Gilde SamenSpraak Den Bosch

Waardering
Sinds enkele maanden praat ik met twee dames, één uit Azië en één uit Zuid-Amerika. Ze hebben elkaar leren kennen bij de lessen Nederlands op het ROC. Ze kunnen alleen in het Nederlands met elkaar spreken, en zijn dikke vriendinnen geworden.

Ik wist wel dat ze het leuk vonden om met mij Nederlands te spreken, maar nu verrasten ze mij toch met moederdag: ik kreeg een mooie kaart van ze toegestuurd: "je bent wel niet onze moeder, maar je bent net als onze moeder" versierd met fotootjes van beiden en nog extra goede wensen. Dat noem ik nog eens waardering voor het eenvoudige werk van een gezellig ochtendje praten.

Christien,
vrijwilliger bij Gilde SamenSpraak in Zeist

Gezonde voeding
Ik heb in het kader van SamenSpraak twee jongelui uit Rwanda onder mijn hoede. Beiden zijn jong en enthousiast, maar in Nederland alleen op de wereld.
Na verloop van tijd viel het mij op hoe beiden er steeds slechter uit gaan zien en ik informeer naar hun gezondheid. Nee, ze voelen zich niet zo goed. En gek genoeg, hebben beiden dezelfde klachten: buik- en rugpijn. Zijn ze met hun klachten bij een arts geweest? Jazeker, ze zijn bij de dokter geweest. Maar die kan geen afwijkingen constateren. Eigenaardig toch…

Maar ik ben toevallig een vrouw, die zich graag met gezonde voeding bezig houdt en dus informeer ik naar het menu van de jongelui. Dat blijkt te bestaan uit: rijst, uien en tomaten. Dagelijks... nooit iets anders. Lekker goedkoop, makkelijk klaar te maken en het vult. Maar met zo’n onbalans moet je wel last van je nieren krijgen. Dus gaan de volgende gesprekken over eten. Over: waar je op moet letten. Over: variatie in de voeding en verscheidenheid. Dus over: voedingsleer. Ik ga kookles geven: vrijgezellenpotjes voor het kleine budget, die bereid kunnen worden in een kleine keuken, met weinig faciliteiten. Waar een samenspraakproject al niet toe kan leiden!

Esther,
vrijwilliger bij Gilde SamenSpraak in Hilversum

Meer dan huiswerkhulp
Sinds ik krijgt huiswerkhulp van Hetty zie ik dat ik zelf kan groeien en zelfverzekerd ben. Zonder hulp van Hetty ik het veel moeilijke.
Ik ben trots dat ik Hetty bij mij hebt.
Als ik iets niet begrijp vraag ik Hetty en krijg ik advies, niet alleen huiswerkhulp, maar ook aanpassen aan Nederlandse cultuur en gewoonten.

Mw Marso Abdi,
anderstalige bij Gilde SamenSpraak Den Bosch

Klanken
Iedere taal heeft een eigen tongval die je aanleert zodra je je eerste woorden gaat zeggen. Zo kun je direct horen of iemand uit het zuiden, noorden of een ander land komt. Sommige klanken die voor ons heel gewoon zijn, zijn door anderstaligen vaak niet uit te spreken (bijv. de sch) en vice versa. Denk maar aan de Engelse ‘th’ of de zachte ‘k’ van het Gries of Arabisch. Zo’n accent vind ik persoonlijk iets vertederends hebben.

In het project SamenSpraak heb ik regelmatig een gesprek met een Marokkaanse vrouw, die heel gemotiveerd bezig is de Nederlandse taal onder de knie te krijgen. Ze wil graag perfect Nederlands leren praten. Maar onze taal is ingewikkeld, zodat veel Nederlanders, waaronder ook mijzelf, vooral in de spreektaal veel fouten maken. Deze mevrouw heeft wat moeite met de korte klanken, voornamelijk de i, e en o. Ze zegt dikwijls ‘hit’ als ze ‘het’ bedoelt. Soms kan zo’n verkeerde uitspraak tot hilarische communicatiestoornissen leiden.
Op een middag, toen wij ons gebruikelijke babbeltje maakten, vroeg ik haar naar haar belevenissen van die morgen bij haar stage. Zij deed namelijk mee aan het oriëntatietraject van het ID-college. Enthousiast begon ze te vertellen. Ze was bij een kinderdagverblijf geweest waar de ‘bidden maken’ had geleerd en hoe ze ‘poep’ moest schoonmaken. Haar in de rede vallend zei ik: ho, ho, dit snap ik even niet. Ik vouwde mijn handen in een biddend gebaar en vroeg: Moest je bidden? Ze keek me heel verwonderd aan en zei: Nee, je weet wel met lakens en slopen. O, je bedoelt dat je moest leren hoe je bedden op moest maken. We grinnikten hier even over. Maar nu wil ik nog even weten wat je met ‘poep’ moest doen. Ik legde haar de betekenis van het woord uit, waarop we onbedaarlijk begonnen te lachen. Het bleek dat ze een met een pop had moeten oefenen hoe een baby te verschonen.
Nadat we waren bijgekomen van de slappe lach, verkondigde ze: dit woord durf ik nooit meer te gebruiken. Doe niet zo mal, zei ik, stel dat ik Arabisch zou gaan leren. Wie weet wat ik voor idiote dingen zou zeggen. Je moet gewoon doorgaan en niet bang zijn voor de vergissingen. Eind deze maand (mei) moet ze staatsexamen doen. Hopelijk zonder pop.

Een vrijwilliger bij Gilde SamenSpraak in Alphen aan den Rijn

Kunstliefhebber
In het project Gilde SamenSpraak praten gildenvrijwilligers wekelijks met mensen van buitenlandse afkomst. Dit gebeurt in een informele sfeer, veelal bij de gildenman of -vrouw thuis en ook wel bij de anderstalige. Iedereen vult deze sessies op zijn of haar eigen manier in. De één beperkt zich uitsluitend tot het taalgebruik, de ander gaat wat verder.

Zo stimuleerde één van de gildenvrijwilligers, die zelf grote belangstelling voor kunst heeft, zijn deelnemer om zich te bekwamen in schilderen. In de loop der tijd werd in dit kader een groot aantal bijzondere schilderijen geproduceerd. De gildenman was over het werk zo enthousiast dat hij besloot een weekend lang zijn huis open te stellen als expositieruimte. Honderdvijftig mensen kwamen kijken en toonden belangstelling voor de schilderijen. En diverse Nederlandse schilders hebben nu contact gezocht met "zijn" buitenlander! Hoe noemen we dat ook weer?   Integratie toch!!

Van de coördinator Gilde SamenSpraak in Zeist

Iemand om naar te zwaaien
Er stond een advertentie in de krant. “Wij, als gilde, bieden anderstaligen de gelegenheid om door middel van gesprekken uw spreekvaardigheid te vergroten. Als u van dit aanbod gebruik wenst te maken, kunt u reageren...”

Er meldde zich een jonge vrouw. Ze had twee kinderen, was gescheiden en had daardoor weinig contact met landgenoten. Zij had zich echter vast voorgenomen om samen met haar kinderen te integreren in de Nederlandse samenleving. Het 8-uur journaal was daarom verplichte dagelijkse kost. Maar ze zou wel wat meer hulp kunnen gebruiken, met name bij de opvoeding van haar kinderen. Erover praten zou haar al een eind op weg helpen. Bovendien kreeg ze dan ‘en passant’ de kans haar taalvaardigheid te oefenen.
Degene, die namens het gilde contact met haar opnam, doorzag de situatie als geen ander. Ze had haar sporen ruimschoots verdiend in de kinderopvang en was dus uitermate geschikt voor deze taak. Ze praatte met de jonge vrouw, over de scholen van haar kinderen, over het kopen van kinderkleding, over haar aanpassing in Nederland. De buitenlandse vrouw leefde op en stelde de gesprekken met de gildenvrijwilliger erg op prijs.
“Maar weet u wat ik nog het fijnste van alles vind?” zei ze, toen ze elkaar wat beter hadden leren kennen, “als ik u op straat tegenkom, heb ik ook eens iemand om naar te zwaaien.”

Van een vrijwilliger bij Gilde SamenSpraak in Zeist